Controleer de courgette en verwijder beschadigde delen. Verwijder ook de eventuele pitten bij erg grote courgettes en de harde stukken aan de voor- en achterkant.
Snijd de courgette in plakken van ongeveer 3 tot 5 millimeter dik.
Verdeel de courgetteplakken over de roosters van je voedseldroger of, als je een oven gebruikt en geen rooster hebt, over de bakplaat. Zorg dat de plakken elkaar zo min mogelijk overlappen.
Stel je voedseldroger of oven in op ongeveer 40 °C.
Droog je in een oven, zorg er dan voor dat het vocht kan ontsnappen. Bij sommige ovens kan dat door de deur een klein stukje open te laten; controleer hiervoor ook de gebruiksaanwijzing van je oven.
Houd rekening met meerdere uren droogtijd. Hoe lang het precies duurt, hangt onder andere af van de dikte van de plakken, de hoeveelheid courgette, het vochtgehalte en het apparaat dat je gebruikt.
Haal de courgette pas uit de droger of oven als de stukken helemaal droog zijn en bros aanvoelen. Laat ze eerst afkoelen voordat je beoordeelt of ze droog genoeg zijn. Zijn ze niet goed droog, dan kan achtergebleven vocht ervoor zorgen dat ze tijdens het bewaren alsnog bederven of beschimmelen.
Doe de droge stukken courgette nu in de keukenmachine. Maal de stukken fijn tot een poeder.
Doe dit courgettepoeder in een schone, droge en luchtdichte pot en bewaar het op een koele en donkere plaats.